terug   Hoe groepen en teams (te) ontwikkelen
 

Zie ook : vaardigheden voor teams

Er is geruststellend en hoopgevend nieuws. Het geruststellende nieuws is dat groepen van mensen die samenwerken zich vanzelf ontwikkelen. Het hoopgevende nieuws is dat deze ontwikkeling bepaalde wetmatigheden kent. Je kunt het zelfs gericht beïnvloeden. Maar een voorspelbare machine wordt het nooit.

Zie bijvoorbeeld: de vijf fasen van Tuckman

In het functioneren van groepen kun je kijken naar meerdere niveaus of lagen van de samenwerking. Die zijn deels zichtbaar, deels onzichtbaar, en ze hangen nauw met elkaar samen. Wat je in het team ziet gebeuren is niet altijd wat het lijkt. Onder een schijnbaar kalme oppervlakte kunnen zich veenbranden voordoen, vormen zich subgroepen, of ontluikt een romance. En een knallende ruzie is wellicht eerder de ontspanning dan de spanning.

Het is gebruikelijk drie niveaus van samenwerking te onderscheiden: het inhoudsniveau, het structuurniveau en het relatieniveau. De ontwikkeling van groepen speelt zich op deze niveaus verschillende af. Zo kan een groep inhoudelijk voortgang maken maar op relatieniveau kunnen de verhoudingen verslechteren. Iedereen die met de groep werkt, of het nou een intern groepslid is, of een externe begeleider, kan interveniëren (ingrijpen, sturen) op de samenwerking. Om dat goed te doen is het nodig dat je snapt op welk niveau zich welk proces afspeelt.

figuur drie niveaus

Onder water leren kijken - Aan het gedrag en de interactie tussen mensen kun je aflezen wat er ‘aan de hand' is. Soms meer aan wat er niet gezegd wordt dan aan wat er wel gezegd wordt. Het groepsleven zou je kunnen zien als een ijsberg. Alles wat bewust wordt gemaakt, dus ‘boven water' komt, is onderdeel van de inhoud. Het onzichtbare is deel van het relatiedomein.

Externe teambegeleiding - Teams kunnen soms baat hebben bij ondersteuning van een externe begeleider. Bij het begeleiden van teams werk ik met een aantal uitgangspunten.
1. Motivatie: als teamleden het niet willen, dan begin ik er niet aan
2. De begeleiding is koerszoekend - niet vooral alles gepland
3. Variatie in leerstijlen en werkvormen
4. Koppeling met praktijk en omgeving: het gaat over 'echte' dingne
5. Liefst met het hele team tegelijk!

 

Copyright 2009 Martijn Vroemen